Proeftuin 2026-2028

Onderzoek binnen de podiumkunsten

Podiumkunstenaars werken intensief met hun lichaam, binnen een duidelijk kader van techniek, tekst, choreografie, timing of regie. Een tactiele exploratie haalt dat kader tijdelijk weg en maakt ruimte voor directe lichamelijke waarneming, vrij spel, impuls, respons en wederzijdse beïnvloeding. Aanvullende lichamelijke praktijken kunnen juist daardoor nieuwe vormen van aandacht en artistieke taal ontsluiten.

Tegelijk verloopt een groot deel van menselijke interactie zonder woorden. In tactiel spel wordt voortdurend informatie uitgewisseld via nabijheid, gewicht, weerstand, ritme, spanning en subtiele sensorische signalen. Er valt veel te vertellen, ook zonder woorden. Het non verbale blijft echter voor velen een nobele onbekende.

Binnen Proeftuin 2026–2028 kiest Wildebries bewust voor de podiumkunsten als werkplaats om de tactiele exploratie te verkennen.

Die keuze sluit aan bij een bredere artistieke beweging. Binnen recent artistiek onderzoek wordt tactiele interactie vanuit verschillende invalshoeken onderzocht: als artistiek materiaal, als vorm van communicatie, als bron van belichaamde kennis en als aanleiding om nieuwe taal en reflectiekaders te ontwikkelen.


Inspiratie & Context

Wildebries ontwikkelt zijn onderzoek vanuit de eigen rolpraktijk. Tegelijk zijn er binnen en rond de podiumkunsten onderzoekers die vanuit andere praktijken vragen stellen over tactiele interactie, lichamelijke kennis en de taal waarmee zulke ervaringen kunnen worden beschreven.

We vermelden hier enkele van die onderzoeken en projecten. Ze bieden verschillende perspectieven waarop we tijdens de proeftuin kunnen terugkomen (of niet).


The Vocabulary of Touch

In The Vocabulary of Touch onderzoekt Rosalind Holgate Smith tactiele ervaring binnen Contact Improvisation. Vanuit praktijkonderzoek ontwikkelt ze onder meer een onderscheid tussen listening, light en deep touch en onderzoekt ze hoe verschillende kwaliteiten van fysiek contact kunnen worden 

Taal ontwikkelen voor ervaringen die zich in eerste instantie lichamelijk en grotendeels non-verbaal voordoen is interessant. Of dat vocabulaire ook betekenisvol is binnen het rollen, is een open vraag.

Rosalind Holgate Smith (2026)
The Vocabulary of Touch: Encountering Otherness through Contact Improvisation. Doctoral thesis, Kingston University.
Kingston University – The Vocabulary of Touch

Tactiliteit als manier van onderzoeken

In Touching (the) Strangeness onderzoekt Marloeke van der Vlugt aanraken niet alleen als onderwerp, maar ook als manier om artistieke kennis te ontwikkelen. Lichamelijke ervaring, ontmoeting en de veranderlijke relatie tussen lichaam, materiaal en omgeving vormen er deel van het onderzoeksproces.

Dat perspectief is relevant: welke kennis ontstaat in de lichamelijke ervaring zelf, nog vóór we proberen die ervaring in woorden vast te leggen?

Marloeke van der Vlugt (2026)
Touching (the) Strangeness: Exploring Touching as Methodology in Artistic Research. Doctoral thesis, HKU / Universiteit voor Humanistiek.
HKU – Touching (the) Strangeness

Van tactiele ervaring naar taal en kader

Met Beyond Gaze: Establishing the Language of Touch in Applied Drama onderzoekt Can Boyan binnen artistiek onderzoek hoe touch als artistiek medium kan worden benaderd en hoe daaruit een taal en een bruikbaar kader kunnen ontstaan.

De zoektocht naar manieren om tactiele ervaring te onderzoeken, te benoemen en overdraagbaar te maken biedt een interessant referentiepunt voor onze eigen proeftuin.

Can Boyan (2024–2028)
Beyond Gaze: Establishing the Language of Touch in Applied Drama. Artistic PhD project, Koninklijk Conservatorium Antwerpen / Antwerp Research Institute for the Arts (ARIA).

ARIA – Artistic PhD projects

Veldsignalen

Ook breder zien we binnen de kunsten aandacht ontstaan voor lichamelijke nabijheid, tactiele communicatie, consent, improvisatie, partnering, weerstand en wederzijdse respons. Daarbij wordt het lichaam niet alleen benaderd als uitvoerend instrument, maar ook als plaats waar artistieke kennis ontstaat.

Wildebries bevindt zich binnen die bredere beweging, maar vertrekt vanuit een heel specifieke praktijk: vrij, dyadisch en grotendeels non-verbaal rollen, waarbij de interactie tussen twee lichamen zelf het onderzoeksmateriaal vormt.


Wat verkennen we in deze proeftuin?

Centraal staat één vraag (de juiste formulering kan nog wijzigen):

Welke betekenis kan schuilgaan in een vrije, dyadische en non-verbale tactiele exploratie in relatie tot de artistieke identiteit en praktijk van de uitvoerend podiumkunstenaar?


We onderzoeken die vraag vanuit drie samenhangende perspectieven.

De performer in verhouding tot zichzelf

Wat gebeurt er tijdens en na het rollen met zelfregulatie, decompressie en lichamelijke beschikbaarheid? Kan het vrije spel ruimte creëren naast aangeleerde patronen, techniek en controle? En welke betekenis krijgt dat binnen de artistieke praktijk?

De performer in verhouding tot de ander

Hoe beïnvloedt het rollen de manier waarop een podiumartiest zich lichamelijk en relationeel tot anderen verhoudt? We kijken naar wat ontstaat rond initiatief en respons, grenzen, vertrouwen, weerstand, nabijheid, wederkerigheid en tactiele sensitiviteit.

De performer in verhouding tot het werkveld

Welke betekenis kan die ervaring hebben voor de veerkracht, weerbaarheid en professionele autonomie waarmee een performer zich binnen het kunstenveld beweegt? Hoe verhoudt die zich tot uiteenlopende mensen, situaties, verwachtingen en fysieke of relationele omstandigheden?

Vanuit deze proeftuin wil Wildebries kennis ontwikkelen over de kansen, valkuilen en hefbomen die vrij tactiel spel kunnen betekenen voor de uitvoerend podiumkunstenaar. We willen de ervaringen en inzichten uit het onderzoek documenteren, verdiepen en delen met het kunstenveld, en onderzoeken in welke vorm ze bruikbaar en overdraagbaar kunnen worden voor anderen.